Het nettarief krijgt spitsuren: zo zien de tijdblokken eruit en wie erop achteruitgaat

Zes jaar geleden betaalde je je netbeheerder nog niet de helft van wat je nu kwijt bent. Tegenwoordig is dat gemiddeld zo’n 450 tot 480 euro per jaar. Voor iedereen hetzelfde bedrag, of je nu in een flat woont met alleen een koelkast en een wasmachine of in een twee-onder-een-kap met warmtepomp en twee elektrische auto’s.
Dat gaat veranderen. Vanaf 2029 telt voor een deel van dat bedrag mee hoeveel stroom je van het net haalt. En op welk uur. Ook als je een vast energiecontract hebt.
Voor de meeste mensen valt het mee. Voor een kleine groep niet.
Update 8 oktober: de ACM noemt de eerste bedragen
Op de dag dat dit artikel verscheen, kwam de ACM met eigen cijfers naar buiten. Dat meldt De Telegraaf. Volgens de toezichthouder gaat ongeveer 60 procent van de huishoudens erop vooruit. Een klein appartement betaalt in 2029 naar schatting 100 tot 200 euro per jaar minder dan in het huidige systeem. Grootverbruikers met een warmtepomp en een elektrische auto die in de spits blijven verbruiken, kunnen tot 450 euro per jaar meer kwijt zijn.
De ACM verwacht dat de piek op het net met ongeveer 10 procent daalt. Dat zou ruimte geven voor zo’n 700.000 extra woningaansluitingen zonder dat er direct nieuwe kabels nodig zijn.
Die 60 procent lijkt te botsen met wat ik verderop schrijf: dat bijna iedereen meer gaat betalen. Het is een andere vergelijking. De ACM zet het nieuwe systeem af tegen het oude systeem in 2029. Ik vergelijk met wat je vandaag betaalt. Beide kloppen: het net wordt voor bijna iedereen duurder, maar voor zes op de tien huishoudens minder duur dan zonder deze wijziging.
De groep die erop achteruitgaat is dus groter dan ik hierboven suggereer: vier op de tien. De harde klap van honderden euro’s valt bij een kleiner deel daarvan. Mijn rekenvoorbeeld van 100 euro verderop gaat over één elektrische auto. Komt daar een warmtepomp bij die in de winteravond doordraait, dan loopt het bedrag snel op.
De stukken van de ACM zelf heb ik nog niet kunnen inzien. De tijdblokken en wegingsfactoren in dit artikel komen uit het voorstel van de netbeheerders van mei. Wijkt de ACM daarvan af, dan pas ik het artikel aan.
Hoe je nu betaalt
Op je energierekening betaal je twee partijen. Je energieleverancier rekent per kilowattuur voor de stroom zelf, met een vast of een dynamisch tarief. Je netbeheerder, zoals Liander, Stedin of Enexis, rekent een vast bedrag per jaar voor het gebruik van het stroomnet. Dat tweede bedrag betaal je niet apart: het loopt via je leverancier.
Dat vaste bedrag is voor bijna alle huizen gelijk. Of je nu een 1×25, een 1×35 of een 3×25 aansluiting hebt, maakt niet uit. Alleen tussen de netbeheerders onderling zit een klein verschil.
Waarom één bedrag voor iedereen niet meer werkt
Vroeger leek het ene huishouden sterk op het andere. Iedereen had een cv-ketel en een auto op benzine. Het stroomverbruik lag dicht bij elkaar. Eén bedrag voor iedereen was dan eerlijk genoeg.
Nu loopt dat ver uiteen. Een gezin met warmtepomp, inductiekookplaat en elektrische auto zit al snel op 10.000 tot 12.000 kWh per jaar. Een stel in een appartement misschien op 3.000. Voor het net betalen ze toch hetzelfde.
Tegelijk moet het net flink worden uitgebreid, juist door al die warmtepompen, laadpalen en batterijen. Die kosten komen via het vaste bedrag bij iedereen terecht. Zo betaalt de buurvrouw zonder auto mee aan de dikkere kabel voor de buurman die elke avond laadt. Daarom is het bedrag in zes jaar ruim verdubbeld. Als er niets verandert, kan het richting 2040 nog een keer verdubbelen.
De tweede reden is drukte. Vergelijk het stroomnet met de snelweg. Staat er elke avond file, dan kun je rijstroken bijbouwen of het verkeer beter over de dag verdelen. Er komen hoe dan ook rijstroken bij. Maar het scheelt nogal of het er twee worden of vijf. Het nieuwe tarief moet zorgen dat niet iedereen om zes uur ’s avonds tegelijk zijn auto aan de laadpaal hangt. Hoe het met die volle kabels zit, lees je in Thuisbatterij en netcongestie.
Wat er precies verandert
Het vaste bedrag verdwijnt niet helemaal. Het voorstel knipt het in twee stukken.
Het ene stuk blijft vast. Daaronder vallen de kosten voor het op afstand uitlezen van je meter en een bedrag dat afhangt van hoe zwaar je aansluiting is. Een appartementencomplex met een 3×80 aansluiting betaalt meer dan een gewoon huis met 3×25. Of een 1×35 aansluiting straks net zoveel kost als 3×25, is nog niet helemaal duidelijk.
Het andere stuk ga je per kilowattuur betalen. Dat is ongeveer de helft van wat je nu in totaal aan je netbeheerder kwijt bent. In het voorstel staat het als twee derde van het transportdeel, maar de meterkosten en het aansluitdeel horen daar niet bij. Hoe meer stroom je van het net haalt, hoe meer je betaalt. En het uur telt mee.
Twee dingen worden vaak verkeerd begrepen:
- Terugleveren kost niets. Je betaalt alleen voor stroom die je van het net haalt, niet voor wat je zonnepanelen erop zetten.
- Er komt geen gratis basishoeveelheid. De netbeheerders dachten eerst aan een ‘vrije voet’, een aantal kilowatturen per jaar zonder toeslag. Die heeft het voorstel niet gehaald.
De tijdblokken in zomer en winter
Het jaar kent twee seizoenen. De zomer loopt van april tot en met september, de winter van oktober tot en met maart. Elke dag heeft vijf blokken met hoogstens vier verschillende prijzen. Het schema ligt een jaar van tevoren vast.
De netbeheerders hebben nog geen bedragen genoemd. Ze gebruiken zogeheten wegingsfactoren. Zie dat als een vermenigvuldiger: factor 1 is het volle tarief, factor 0,5 de helft en bij factor 0 betaal je niets. Welk bedrag per kilowattuur daar straks tegenover staat, is nog niet bekend.
Zomer (april tot en met september)
| Tijd | Factor | In gewone woorden |
|---|---|---|
| 00:00 – 03:00 | 0,5 | half tarief |
| 03:00 – 10:00 | 0,3 | goedkoop |
| 10:00 – 17:00 | 0 | gratis |
| 17:00 – 19:00 | 0,3 | goedkoop |
| 19:00 – 00:00 | 0,7 | duurste zomerblok |
Winter (oktober tot en met maart)
| Tijd | Factor | In gewone woorden |
|---|---|---|
| 23:00 – 01:00 | 0,7 | duur |
| 01:00 – 07:00 | 0,5 | goedkoopst in de winter |
| 07:00 – 10:00 | 0,7 | ochtendspits |
| 10:00 – 16:00 | 0,5 | goedkoopst in de winter |
| 16:00 – 23:00 | 1 | duurste blok van het jaar |
In de zomer is de middag gratis, precies als de zonnepanelen op hun best zijn. In de winter bestaat gratis niet. Daar is de avond het duurst: iedereen kookt, de verwarming draait en de auto’s komen thuis. Ook de winterochtend kost meer dan de nacht.
Is dit niet gewoon een dynamisch contract?
Een beetje. Bij een dynamisch energiecontract volgt de stroomprijs vraag en aanbod. Je weet een dag van tevoren wat je per uur betaalt. Schuift er een dik wolkendek voor de zon, dan wordt de middag duurder.
Het nieuwe nettarief doet dat niet. Het ligt een jaar vast en trekt zich niets aan van het weer of de markt. Je zou het dynamisch light kunnen noemen. Het grove patroon is wel hetzelfde: zomermiddag goedkoop, winteravond duur. Ik verwacht dat energieleveranciers het nettarief straks gewoon in hun app laten zien, naast de stroomprijs.
Het grootste verschil: een dynamisch contract kies je zelf. Het nieuwe nettarief krijgt iedereen.
Wie gaat erop voor- of achteruit?
Eerlijk is eerlijk: bijna iedereen gaat de komende jaren meer betalen voor het net. Het net wordt uitgebreid en dat kost geld, welk systeem er ook komt. De vraag is dus vooral hoeveel meer.
Gebruik je weinig stroom en heb je geen warmtepomp of elektrische auto? Dan ga je er nog steeds op achteruit, maar minder dan als alles bij het oude was gebleven. Je betaalt niet langer mee aan de laadpaal van de buren.
Heb je veel elektrische apparaten en gebruik je ze op vaste tijden? Daar valt de klap. Wie elke dag om zes uur de auto aan de lader hangt, midden in het duurste blok, is straks een flink stuk duurder uit.
Heb je veel elektrische apparaten en kun je schuiven? Dan wordt het iets duurder, maar het blijft te overzien. Het werkt net als bij de trein: wie buiten de spits reist, betaalt minder.
Hoeveel scheelt het? Twee rekenvoorbeelden
Het bedrag per kilowattuur ligt nog niet vast, dus ik reken met een aanname. Stel dat factor 1 straks 20 cent per kWh kost. Dat ligt in de buurt van wat CE Delft en Common Futures schatten.
De wasmachine
Een niet al te oude machine gebruikt zo’n 1,5 kWh per was. Stel dat je twee keer per week wast, het hele jaar door op het duurste moment in plaats van het goedkoopste. Dan ben je ongeveer 19 euro per jaar meer kwijt. Draai je af en toe om zes uur ’s avonds een was, dan hoef je daar niet wakker van te liggen.
De elektrische auto
Een lege accu helemaal volladen kost al gauw 75 kWh. Stel dat je thuis zo’n 2.000 kWh per jaar laadt en de auto elke dag direct aan de lader hangt als je om vijf uur thuiskomt. In de zomer valt dat nog mee, want tussen vijf en zeven is het goedkoop. In de winter zit je in het duurste blok. Vergeleken met ’s nachts laden kost dat grofweg 100 euro per jaar extra.
Het verschil zit dus bij huizen met veel elektrische apparaten. Die hebben ook de meeste ruimte om te schuiven. Woon je op drie hoog zonder laadpaal, dan kun je minder schuiven. Maar dan gaat het ook om veel kleinere bedragen.
Wanneer gaat het in?
Het is nog een voorstel. Netbeheer Nederland, de vereniging van alle netbeheerders, heeft het in mei ingediend bij de ACM. De ACM houdt toezicht op de netbeheerders, omdat elke netbeheerder in zijn eigen regio de enige is. Zij stelt ook hun tarieven vast. De Tweede Kamer heeft er officieel niets over te zeggen.
Toch heeft de Kamer invloed gehad. Het eerste plan was nog ingewikkelder: een andere factor voor elk uur van de dag. Na veel kritiek zijn het blokken geworden. De zorg dat het voor gewone mensen te ingewikkeld wordt, is daarmee niet weg.
De ACM neemt naar verwachting eind dit jaar een besluit, met een ingangsdatum. Het doel is 1 januari 2029. Daar heb ik mijn twijfels over. Vooral de energieleveranciers moeten hun systemen flink ombouwen. Het voorstel noemt zelf al 1 januari 2030 als uitwijkdatum als een paar regelingen niet op tijd klaar zijn.
Wat moet je er nu mee?
Voorlopig niets. Het duurt nog minstens twee jaar en de bedragen staan nog niet vast.
Koop je de komende tijd een laadpaal, een warmtepomp of een thuisbatterij? Kijk dan of je kunt instellen wanneer hij aan het werk gaat. Een laadpaal die pas ’s nachts begint, een warmtepomp met een slimme regeling, een batterij die je zelf kunt programmeren. Dat kost nu meestal niets extra en scheelt je straks gedoe.
Wat een thuisbatterij met deze blokken kan, reken ik in een apart artikel door, met een voorbeeld voor een huis met warmtepomp. Waarom de stijgende energiekosten geen straf zijn voor wie al verduurzaamd heeft, lees je in Gestraft omdat je verduurzaamde? Of doe de gratis check en zie wat een batterij in jouw huis doet.
Wat betekent dit voor jouw situatie?
Beantwoord vier korte vragen en zie direct welke capaciteit bij jou past, wat je bespaart en hoe snel je de investering terugverdient.
Doe de gratis check